Wat gebeurt er als regen op een blad valt?
Na een regenbui glinstert de tuin. De bladeren glanzen, en er liggen kleine druppels op. Heb jij weleens een nat blad aangeraakt? Het voelt koel en glad onder je vinger.
Al die druppels kwamen naar beneden als regen. Wat gebeurt er dan als regen op een blad valt? Kom, we volgen één regendruppel en kijken wat er gebeurt.
Plip! De regendruppel tikt op het blad, en het blad buigt omlaag. Het blad is dun en buigzaam, dus het geeft een beetje mee met de tik. Dan veert het meteen weer omhoog.
Kijk nu goed naar de bovenkant van het blad. Een blad heeft een waslaagje, dat is een dun, glad jasje, net als de buitenkant van een waskrijtje. Door het waslaagje trekt het regenwater niet in het blad.
Water blijft bijna niet plakken aan het waslaagje. Daarom trekt de regendruppel zich samen tot een ronde parel, dat is een klein bolletje water. Zo zie je op natte bladeren overal glimmende bolletjes.
Het blad helt omlaag, naar zijn puntige topje. De aarde trekt alles naar beneden, dus de parel rolt die kant op. Daar glijdt hij, over het gladde waslaagje.
Onderweg botst de parel tegen andere parels. Samen worden ze één grote parel. Nu is hij zwaarder dan eerst. Wat denk jij dat de grote, zware parel doet als hij bij het topje komt?
Hij hangt even aan het topje te wiebelen. Dan wordt hij te zwaar om zich nog vast te houden. Drup! Hij valt van het blad op de grond.
Het blad blijft glanzend en bijna droog achter. Er schitteren nog maar een paar kleine parels op. Het waslaagje heeft zijn werk gedaan.
Regen blijft bijna niet plakken aan het waslaagje van een blad, dus elke druppel wordt een parel en rolt eraf.
Nog één laatste parel glijdt naar het topje van een blad en laat los. Overal in de tuin glanzen de bladeren met hun waslaagje, bijna droog.









