Hoe kun je met twee spiegels over een muur heen kijken?
Achter een muur kan een hele tuin liggen, ook als je op je tenen staat. Maar een spiegel, een glad vlak dat licht terugkaatst, kan je helpen om toch te kijken. Hoe kun je met twee spiegels over een muur heen kijken?
Het begint met licht: daardoor kun je dingen zien. In de tuin schijnt zonlicht op een gele bloem. Het licht kaatst alle kanten op, en je ziet de bloem als een beetje van dat licht je ogen bereikt.
Licht gaat rechtdoor, totdat iets het tegenhoudt of een andere kant op stuurt. De muur houdt het licht van de bloem tegen voordat het je ogen bereikt. Hoe kan dat licht toch bij je komen?
Daarvoor kan iemand een periscoop gebruiken: een kijkbuis waarmee je langs iets heen kunt kijken. In een eenvoudige periscoop zitten twee spiegels, eentje boven en eentje onder. Elke spiegel stuurt het licht een andere kant op.
Iemand houdt de periscoop zo vast dat de bovenkant boven de muur uitsteekt. De opening bovenaan kijkt naar de tuin, zodat licht van de bloem naar binnen kan. Vlak achter die opening zit de bovenste spiegel.
Die bovenste spiegel staat schuin: niet plat en niet rechtop. Waar moet hij het licht van de bloem naartoe sturen, denk je? Naar beneden door de buis, of omhoog naar de wolken? De kijker wacht onderaan.
Naar beneden door de buis! Het licht van de bloem raakt de schuine spiegel en kaatst omlaag. Doordat de spiegel schuin staat, stuurt hij het licht uit de tuin naar de onderste spiegel.
Onderaan staat de tweede spiegel ook schuin. Zijn glanzende kant vangt het licht van boven op en kaatst het opzij. Nu gaat het licht naar een kleine opening aan de kant van de kijker.
De kijker kijkt door die onderste opening. Het licht van de bloem bereikt de ogen, en zo wordt de bloem zichtbaar, ook al staat de muur er nog. De twee spiegels sturen het licht om de muur heen.
De kijker kan met beide voeten op de grond blijven staan. Alleen de bovenkant van de periscoop moet boven de muur uitkomen en de bloem kunnen zien. De spiegels laten het licht steeds dezelfde twee bochten maken.
Zonlicht, bloem, licht, bovenste spiegel, omlaag door de periscoop, onderste spiegel, ogen. Met twee schuine spiegels kun je over een muur heen kijken, omdat ze het licht van boven de muur omlaag en daarna naar je ogen sturen.
Nu weet je hoe twee kleine bochten een verborgen bloem tevoorschijn laten komen.









