Hoe wordt een ster geboren?
Heb je op een heldere, donkere avond weleens omhooggekeken en in de verte sterren zien twinkelen? Elk klein lichtje is een zon die ver weg in de ruimte straalt. Ze hebben allemaal een begin gehad, een tijd waarin ze nog geen licht gaven. Hoe wordt een ster eigenlijk geboren?
Een ster begint in een nevel: een reusachtige wolk van gas en stof in de ruimte. Een nevel is koud en donker, en veel groter dan onze zon. Uit dat gas en stof zal de nieuwe ster ontstaan.
In de nevel trekt de zwaartekracht alle deeltjes gas en stof naar elkaar toe. Beetje bij beetje zweven de deeltjes dichter naar elkaar. Door die trekkracht worden sommige plekken in de nevel dichter dan de rest.
Op zo'n dichte plek komen gas en stof samen in een klont. Een grotere klont trekt harder en trekt daardoor nog meer gas uit de nevel om zich heen aan. Zo blijft de klont groeien.
De zwaartekracht perst de groeiende klont steeds dichter samen, tot die een ronde gasbol wordt. Diep in het midden zitten de gasdeeltjes dichter op elkaar dan ergens anders. Wat denk je dat er met het midden gebeurt als de zwaartekracht de bol samenperst?
Het midden wordt heter! Terwijl de bol krimpt, komen de deeltjes dichter op elkaar en botsen ze steeds sneller tegen elkaar. Al dat botsen maakt warmte. De bol wordt warm, maar is nog geen ster.
Heel lang blijft de zwaartekracht de bol samenpersen, en het midden wordt steeds heter. Langzaam wordt het daar veel heter dan welk vuur op aarde ook. Pas bij zo'n enorme hitte kan de volgende stap beginnen.
Diep in het hete midden botsen de gasdeeltjes nu zo hard dat ze aan elkaar blijven vastzitten. Samen vormen ze nieuwe deeltjes. Elke keer dat twee deeltjes samengaan, komt er een flits van licht en warmte vrij. Elk moment gaan er zo enorm veel deeltjes samen.
Al dat licht en die warmte stromen vanuit het midden van de bol naar buiten. Het licht schijnt door het gas en stof eromheen, en de hele bol straalt helder. Een nieuwe ster is geboren!
Ons sleutelwoord was nevel. Een ster wordt geboren doordat de zwaartekracht gas en stof uit een nevel stevig samenperst tot een bol. Het midden wordt zo heet dat deeltjes samengaan en licht naar buiten laten stromen.
Als je weer een ster ziet twinkelen, kun je denken aan de grote, donkere wolk waarin hij begon te stralen. Droom maar fijn onder al die stralende sterren.









