Waarom vallen satellieten niet op de aarde?
Denk eens aan een bal die je hoog in de lucht gooit. Je voelt hoe hij je vingers verlaat en omhoog vliegt. Daarna valt hij elke keer weer terug op de grond.
Ver boven de wolken draaien satellieten om onze planeet, dag en nacht, jarenlang. Ze hebben geen vleugels en niemand houdt ze omhoog. Waarom vallen satellieten dan niet op de aarde?
Het begint met een trekkracht. De aarde trekt alles naar haar midden toe. Dat heet zwaartekracht: de kracht die dingen naar de grond trekt. Door de zwaartekracht kwam je bal weer bij je terug.
De zwaartekracht werkt ook helemaal tot in de ruimte. Ze trekt de hele tijd aan elke satelliet. Een satelliet valt dus echt naar de aarde toe, nu en steeds weer.
Nu komt het tweede deel. Satellieten dicht bij de aarde vliegen opzij om haar heen, met ongeveer acht kilometer per seconde. Dat is veel sneller dan een raceauto of een straalvliegtuig. En in de lege ruimte remt niets ze af.
Stel je voor dat je een bal recht vooruit gooit. Gooi je zachtjes, dan landt hij vlak bij je voeten. Gooi je harder, dan vliegt hij veel verder voordat hij landt. Wat denk je dat er gebeurt als iets net zo snel opzij beweegt als een satelliet?
De aarde is rond, net een reusachtige bal, dus de grond eronder buigt weg. De satelliet blijft maar vallen, maar de ronde grond wijkt net zo snel naar beneden. Daardoor haalt de satelliet de grond nooit in.
Zo valt de satelliet helemaal om de aarde heen, tot hij terug is waar hij begon. Daarna gaat hij gewoon verder, rondje na rondje, hoog boven ons.
Zwaartekracht. De zwaartekracht van de aarde trekt elke satelliet naar beneden, maar die vliegt zo snel opzij dat hij om onze ronde aarde blijft vallen, in plaats van erop.
Als je vanavond lekker in bed kruipt, kun je denken aan al die satellieten hoog boven je, die om de aarde blijven vallen terwijl jij in slaap valt.









