Waarom ruiken je vingers naar munt als je over munt hebt gewreven?
Heb jij weleens een muntblaadje tussen je vingers gewreven? Daarna hield je je vingers bij je neus en snuffelde je. Mmm, ze roken koel en fris, net als munt!
Maar je raakte het blaadje maar heel even aan. Waarom ruiken je vingers dan nog steeds naar munt? Laten we het samen ontdekken.
Kijk eens heel goed naar een muntblaadje. In het velletje zitten piepkleine zakjes, nog kleiner dan een suikerkorreltje. In elk zakje zit een druppel muntolie goed opgesloten.
Als je over het blaadje wrijft, drukken je vingers hard op die zakjes. Knap! De zakjes knappen open en de muntolie komt eruit.
De olie smeert zich uit over je vingertoppen. Olie blijft aan je huid plakken, dus hij blijft zitten en druipt er niet af. Nu zit er een dun laagje muntolie op je vingers. Hoe komt dat muntluchtje nou van je vingers naar je neus?
Muntolie is zo licht dat er kleine stukjes van omhoog de lucht in zweven. Die zwevende stukjes zijn de geur van de munt. Geur is het luchtje dat iets afgeeft. Je kunt de geur niet zien, maar hij zweeft overal rond je hand.
Als je je vingers dichtbij houdt, zweeft de geur je neus in. Je neus vangt hem op en je weet meteen dat het munt is. Dat is het koele, frisse luchtje dat je rook.
De olie blijft een hele tijd op je vingers zitten. En al die tijd geeft hij steeds meer geur af. Daarom ruiken je vingers nog naar munt, lang nadat je het blaadje hebt weggelegd.
Als je over munt wrijft, knappen de piepkleine zakjes met olie open. De olie blijft op je vingers zitten en stuurt steeds geur naar je neus.
Nu draagt je hand een klein beetje van het muntblaadje met zich mee. Koel en fris gaat het overal met je mee.









