Waarom is een cactus zo prikkerig?
Heb jij weleens een cactus in een pot gezien? Kijk maar eens goed naar zijn groene lijf. Overal steken kleine, scherpe puntjes uit.
Door die puntjes is een cactus heel prikkerig. Maar waarom is een cactus zo prikkerig? Laten we het samen ontdekken.
Veel cactussen groeien in het wild in een woestijn. Een woestijn is een warme plek vol zand, waar bijna nooit regen valt. De grond blijft heel, heel lang droog. Daarom telt daar elke druppel water.
Als het regent, drinkt de cactus het water snel op. Hij bewaart het in zijn dikke, bolle stengel. Zo heeft hij water op de droge dagen, net als een klein waterflesje.
Onder zijn groene schil is de stengel van een cactus zacht en sappig, een beetje zoals een komkommer. Als je erin kon kijken, zag je dat hij nat en lichtgroen is.
Dieren in de woestijn krijgen ook dorst. Muizen en konijnen nemen graag een sappige hap van een cactus. Eén hap geeft ze al een koel slokje water.
Daarom heeft een cactus stekels, dat zijn harde, scherpe naaldjes. De stekels zitten van boven tot onder over de hele cactus, dus nergens is een zacht plekje om in te bijten. Wat denk jij dat er gebeurt als er een konijn met dorst dichtbij komt?
Het konijn snuffelt aan de cactus. Au! Een stekel prikt in zijn neus. Het konijn huppelt weg om iets anders te zoeken, en de cactus houdt zijn water.
Later komt er een hongerig muisje langs. Het ziet de scherpe stekels en sluipt er voorzichtig voorbij. De hele lange, droge tijd houden de stekels de cactus veilig.
Laten we één woord onthouden: stekels. Een cactus bewaart water vanbinnen, en zijn stekels houden dorstige dieren weg van dat water.
Nu weet je waarom een cactus zo prikkerig is. Slaap lekker, en zeg maar zachtjes hallo tegen de volgende cactus die je ziet.









